Woninginrichting plust fors
In oktober is de omzet van de Nederlandse detailhandel 8,5 procent hoger uitgekomen dan in dezelfde maand vorig jaar, zo blijkt uit de nieuwste cijfers van het CBS. De winkels in woninginrichtingsartikelen (meubels, woningtextiel, verlichtingsartikelen en vloerbedekking) staken met een plus van 15 procent met kop en schouders uit boven de cijfers van hun collega-detailhandels. De omzetstijging is des te opmerkelijker als men het cijfer afzet tegen dat van de maand ervoor (+4 procent). Wellicht is de omzetstijging te danken aan een verschuiving van de bestedingen aan buitenlandse vakanties en dure vliegtickets ten gunste van de interieurbranche, vanwege de gebeurtenissen en nasleep van de tragedie van 11 september. Naast de woninginrichting deden ook de drogisterijen (+13,6 procent), doe-het-zelf-winkels (+14,5 procent) en consumentenelectronica (+8,7 procent) het goed in oktober in de non-foodsector. Uit de cijfers van het CBS blijkt verder dat winkelen wederom duurder is geworden. In vergelijking met oktober vorig jaar liggen de winkelprijzen 5,6 procent hoger. Het volume van de omzet is met 2,8 procent gestegen. In totaal heeft de consument in oktober voor 6,6 miljard euro in de detailhandel uitgegeven. Per huishouden is dit een besteding van gemiddeld 960 euro. Van dit bedrag is bijna tweederde uitgegeven in de non-foodbranches van de detailhandel.
(Vloerenplein/CBS, 14-12-2001)






