Na het mislukken van de tiende ronde in de onderhandelingen voor een nieuwe CAO-wonen (Zie Nieuws van 12 maart jl.) hebben de vakbonden zoals aangekondigd overleg gevoerd met hun achterban. Bestuurder Fedde Monsma vertelt namens de CNV Dienstenbond wat dat heeft opgeleverd. “Daaruit is de reactie gekomen dat we dermate veel bij elkaar hebben gezeten zónder dat er daadwerkelijk vooruitgang in de onderhandelingen zit, dat we langzaamaan toch wel tot een eind moeten gaan komen, linksom danwel rechtsom,” aldus Monsma. “Ook de naderende einddatum van de nawerking en de grote consequenties van het niet hebben van een CAO, hebben ons in dit oordeel gesterkt.” In het inmiddels naar de werkgevers gestuurde ‘eindbod’ van de bonden staan vier punten: 1. De punten waar overeenstemming op is overnemen in een eventuele nieuwe CAO; 2. Een loonvraag van 1,75 procent structureel en 0,25 procent éénmalig per 1 april 2004; 3. De afspraak maken om over de moeilijke punten in het najaar verder te praten; 4. Een looptijd van 21 maanden, tot 31 december 2004. Monsma: “De bonden vinden dat dit een reëel bod is. Geen kwalitatieve afspraken, aan beide zijden niet, maar wel een mogelijkheid om toch een CAO af te sluiten, rekening houdend met de principiële discussies die op tafel liggen. Er is geen ultimatum gebonden aan dit eindbod, maar gezien de einddatum van de nawerking, 1 april, is dat toch wel een datum waarop een en ander duidelijk moet zijn.”
De andere vakbond, FNV Bondgenoten, noemt het eindbod “een ultieme poging” om de CAO-wonen te redden. Bestuurder Inge van Duijn zegt te willen voorkomen dat werknemers hun arbeidsvoorwaarden moeten gaan regelen met hun eigen werkgever en rechtvaardigt de gevraagde loonsverhoging met te stellen dat de werknemers vanaf juli 2002 geen enkele loonsverhoging meer hebben gehad. Van Duijn: “We moeten nu echt de druk op de ketel zetten om alsnog een behoorlijke CAO af te sluiten. Dat is ook in het belang van de werkgevers.” Volgens Van Duijn houden de woninginrichters vast aan nul procent loonsverhoging en afschaffing van de toeslagen voor het werken op koopavonden en zaterdagen. “Als we hiermee instemmen gaan de mensen er alleen maar op achteruit. Dat doen we natuurlijk niet,” zei Van Duijn al eerder. “Het eindbod is gelijk aan dat van een jaar geleden. Het lijkt erop dat we een jaar voor niets hebben gepraat.” Vóór de ontvangst van het eindbod zei CBW-directeur Robert van der Weerd al het nu “welletjes” te vinden dat de onderhandelingen nu al ruim een jaar duren. En nog steeds zonder zicht op witte rook. “Werkgevers en werknemers hebben zo zoetjes aan recht op duidelijkheid en zekerheid. Een oproep dus aan de onderhandelaars om een akkoord af te scheiden,” aldus Van der Weerd in zijn column op de site van de branchevereniging.
(Vloerenplein/CNV/FNV, 22-03-2004)