nws a

INTR

Unifloor banner

Edel Grass gaat Europees

Edel Grass uit Genemuiden heeft als eerste bedrijf in Europa een kunstgrasmat neergelegd waarop Europees voetbal gespeeld mag worden. Het betreft hier het recent verbeterde veld van promovendus Heracles uit Almelo. Edel Grass blijkt afgelopen jaar ook bij de Amsterdam Arena een kunstgrasveld te hebben aangelegd dat voldoet aan de strenge eisen. Het veld van Heracles was eerst geclassificeerd als een zogeheten ‘Fifa 1 Star’-veld maar draagt na de verbetering het predikaat ‘Fifa 2 Star’. Directeur Bas van den Berg van Edel Grass laat in dagblad de Stentor weten dat de eisen die wereldvoetbalbond Fifa nu stelt aan 2 Star-velden zo hoog zijn dat slechts enkele bedrijven daaraan kunnen voldoen. De Genemuidense kunstgrasproducent spreekt de verwachting uit volgend jaar nog drie tot vier van deze velden aan te leggen.

(De Stentor/Vloerenplein, 26-08-2005)

Tapijtgroei VS vlakt af

Na het recente onderzoek betreffende de Amerikaanse laminaatmarkt kwam het marktonderzoeksbureau Freedonia deze week ook met een prognose en analyse van de Amerikaanse tapijtmarkt. Uit het onderzoek blijkt dat de Amerikaanse markt voor textiele vloerbedekking per jaar met 1,6 procent zal groeien om in 2009 uit te komen op 2,04 miljard vierkante meter. Hiermee neemt textiele vloerbedekking in de Verenigde Staten nog steeds een aandeel in van 65 procent op de totale vloerbedekkingsmarkt. De groei wordt gesteund door expansie van de distributiekanalen en product- en technische innovaties. De groeicijfers van de textiele vloerbedekking vlakken de komende jaren echter wel verder af vanwege de toenemende interesse van de consument in harde vloerbedekkingsoorten, vooral laminaat, keramiek en hout. De projectmarkt biedt volgens de onderzoekers de beste mogelijkheden en kansen voor textiele vloerbedekkingen. Groeicijfers in deze sector bedragen 3,1 procent op jaarbasis. In 2009 zal naar schatting van Freedonia deze sector 0,57 miljard vierkante meter hebben afgenomen.

(Freedonia/Vloerenplein, 26-08-2005)

Minder omzet vloerendivisie Forbo

De Forbo-groep heeft in het eerste halfjaar een omzet behaald van 829,4 miljoen Zwitserse Frank (2004: 827 miljoen Zwitserse Frank). Forbo verwacht het jaar 2005 positief te kunnen afsluiten met een hoger behaalde omzet dan vorig jaar. Het resultaat van de Forbo-groep is negatief beïnvloed door het feit dat de onderneming een tijd in de etalage is gezet voor verkoop, aldus Forbo in een persbericht. Verkopen daalden vooral in het eerste kwartaal, maar kregen weer een positieve impuls door de hogere verkoopcijfers van het tweede kwartaal, de sterkere Amerikaanse dollar en de stabiele Euro. De divisie lijmen heeft te lijden gehad van de hoge grondstofprijzen, maar komt toch uit op een respectabele omzet van 302,7 miljoen Zwitserse Frank. De divisie vloeren behaalde een omzet van 370,8 miljoen Zwitserse Frank, 1,6 procent minder dan in dezelfde periode vorig jaar. De derde tak van Forbo, de divisie drijfriemen, pluste met 1,5 procent en kwam uit op 155,9 miljoen Zwitserse Frank.

(Forbo/Vloerenplein, 24-08-2005)

Meer woningen opgeleverd

In het eerste halfjaar van 2005 zijn ruim 23 duizend woningen gereedgekomen, zo blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Dat is 11 procent meer dan in het eerste halfjaar van 2004. De woningbouw herstelt zich hiermee verder van het dieptepunt in 2003. Het aantal woningen waarvoor in het eerste halfjaar van 2005 een bouwvergunning is verleend, was 19 procent hoger dan in 2004. Uit de cijfers van het CBS blijkt verder dat in de eerste zes maanden 2300 woningen meer werden opgeleverd dan in de eerste zes maanden van 2004. Deze toename komt voornamelijk doordat er meer woningen zijn opgeleverd die in opdracht van de woningcorporaties zijn gebouwd (+40 procent). In de provincie Zuid-Holland zijn in de eerste zes maanden van 2005 bijna 6800 woningen opgeleverd. Dat is ruim 900 woningen meer dan in dezelfde periode van 2004. Hiermee neemt deze provincie 30 procent van de landelijke productie voor haar rekening. In Flevoland, Groningen, Noord-Brabant en Noord-Holland was de woningproductie in de eerste zes maanden van 2005 lager dan in de eerste zes maanden van 2004.

(CBS/Vloerenplein, 24-08-2005)

Pergo: ‘doelloze wraakactie’

Ruim twee weken nadat Faus concullega Pergo beschuldigde van inbreuk op zijn patenrecht, komt de Zweedse laminaatproducent met een eerste officiële reactie. Hieruit blijkt dat Pergo de beschuldigingen van de Spaanse laminaatleverancier verre van serieus neemt. Pergo laat weten dat het geïnformeerd is over de stappen die Faus heeft ondernomen, maar dat het nog geen officiële klacht heeft mogen ontvangen. “We hebben begrepen dat Faus actie heeft ondernomen omdat sommige van onze producten inbreuk zouden doen op Amerikaanse patenten van Faus. Zoals bekend hebben wij in het verleden verscheidene belangrijke gerechtelijke stappen ondernomen tegen Faus. We geloven dan ook dat de actie van Faus gezien moet worden als een vorm van vergelding die deel uitmaakt van een juridische strategie.” Pergo ziet dan ook geen enkele juridische grond voor de claim van Faus. “De actie van Faus is duidelijk zonder grond en simpel een doelloze wraakactie,” aldus een stellige Tony Sturrus, CEO Pergo. “Pergo ziet de uitkomst van de juridische stappen vol vertrouwen tegemoet en is ervan overtuigd dat de uitspraak in Pergo’s voordeel zal uitpakken.”

(Pergo/Vloerenplein, 22-08-2005)

Iran blijft marktleider

Iran is nog steeds wereldmarktleider op het gebied van handgeweven tapijt. Dit ondanks de problemen en toegenomen concurrentie die de industrie de afgelopen jaren heeft moeten ondergaan, zo stelt het ‘Cultural Heritage News Agency’. Iran is al geruime tijd dé toonaangevende leverancier van handgemaakte tapijten, maar de laatste tien jaar is de concurrentie danig toegenomen. Vooral de laaggeprijsde producten van landen als Turkije heeft de industrie onder druk gezet. Mohammad Ali Karimi, algemeen directeur van de Iraanse Tapijt Corporatie, ziet tot zijn tevredenheid dat de industrie de situatie aardig onder controle lijkt te hebben en weer terrein aan het winnen is. “Met een aandeel van 35 tot 40 procent van de verkopen hebben we het hoogste percentage tapijtverkoop van de gehele wereld.” Karimi wijst er verder op dat andere landen kinderen en arme mensen misbruiken tegen schamele lonen met gebruik van de goedkoopste materialen om laageprijsde tapijten te kunnen fabriceren. “Iran moet zich blijven richten op de hoge kwaliteit en massaproductie vermijden.” Volgende week wordt in Teheran de veertiende internationale tentoonstelling gehouden van Iraanse tapijten (23 tot en met 29 augustus). Meer dan 360 bedrijven zullen hieraan deelnemen.

(Floor Focus/Vloerenplein, 19-08-2005)

Geen bezwaar overname Unilin

Mohawk Industries heeft van de ‘U.S. antitrust’ goedkeuring gekregen om de Belgische Unilin Holding NV over te nemen, zo blijkt uit authoriteiten in de Verenigde Staten begin deze week. De ‘U.S. Federal Trade Commission’ stelt dat de beoordeling van de transactie is afgesloten zonder dat enige actie is ondernomen deze te voorkomen. Met de goedkeuring lijkt de overname van Unilin door Mohawk definitief te zijn afgerond.

(Floor Focus/Vloerenplein, 17-08-2005)

‘Hulpmiddelen wonenbranche’

Jaap Koster, voorzitter van de Centrale Branchevereniging Wonen CBW, reikt op maandag 5 september om 14:30 uur tijdens de vakbeurs INterdecor de prijzen uit aan de drie winnaars van de prijsvraag 'ergonomische hulpmiddelen wonenbranche'. De vakbeurs voor de woninginrichting INterdecor wordt gehouden van zondag 4 tot en met woensdag 7 september 2005 in de Jaarbeurs in Utrecht. Het Arboconvenant Wonenbranche schreef de prijsvraag uit onder het motto ‘Maak je sterk voor lichter werk!’. Iedereen die werkzaam is in de woonbranche kon creatieve en innovatieve ideeën insturen die het werk minder zwaar maken bij het bezorgen en leggen van vloerbedekking, meubels bezorgen, keukens en badkamers installeren, parket leggen en schuren of bij werkzaamheden in het kleine magazijn. Deelname stond ook open voor industrieel vormgevers, ergonomen, ergotherapeuten, bewegingswetenschappers, werktuigbouwkundigen of studenten die hiervoor worden opgeleid. Goede ideeën worden tijdens INterdecor beloond met prijzen tussen ¤ 500 en ¤ 3.000. Bovendien is voor kansrijke ontwerpen een budget en/of subsidie beschikbaar om deze ook echt te ontwikkelen en op de markt te brengen. De inzendingen zijn getoetst door een bureau dat is gespecialiseerd in ergonomie. Een jury met vertegenwoordigers van werknemers, werkgevers en het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de winnaars geselecteerd.

(INterdecor/Vloerenplein, 15-08-2005)

Laminaatmarkt VS blijft groeien

De laminaatverkoop in de Verenigde Staten zal de komende jaren met 3,9 procent per jaar groeien. Dit blijkt uit de studie ‘Decorative Laminates’ van het Amerikaanse markonderzoek bureau The Freedonia Group. Volgens het bureau zal in 2009 de verkoop zijn gestegen naar bijna 1,5 miljard vierkante meter, met een waarde van 6,2 miljard dollar. De toename van laminaatvloeren is vooral te danken aan de groeiende populariteit bij de herinrichting van particuliere huizen, de uitgebreide keuzemogelijkheden en de gunstige kostprijs van het product ten opzichte van andere soorten vloerbedekking. Uit het marktonderzoek valt verder op dat veel consumenten laminaat verkiezen boven houten vloeren vanwege het vermeende onderhoudsgemak.

(Floor Focus/Freedonia/Vloerenplein, 15-08-2005)

Pergo en Witex leggen bij

Pergo en Witex hebben het geschil betreffende de door Pergo vermeende schending van patentrecht door Witex bijgelegd. Pergo beschuldigde Witex van inbreuk op de patenten 6,397,547 B1 en 6,421,970 B1 betreffende de fabricage en verkoop van kliksystemen van vloerdelen en had Witex in de Verenigde Staten voor de rechter gedaagd. Tot een uitspraak is het niet hoeven komen, want zowel Pergo als Witex beweren dat het dispuut tot beider tevredenheid is opgelost.

(Pergo/Vloerenplein, 12-08-2005)

Omzetverlies detailhandel

In het tweede kwartaal van 2005 heeft de detailhandel 2,4 procent minder omgezet dan in dezelfde periode van vorig jaar. Zo blijkt uit cijfers van het CBS. Dit is het negende kwartaal op rij dat de omzet van de detailhandel lager uitkwam. De prijzen waren in het tweede kwartaal 1,1 procent lager dan een jaar eerder. Het omzetvolume was 1,3 procent kleiner. De non-foodsector boekte in het tweede kwartaal van dit jaar zelfs 3,2 procent minder omzet dan een jaar eerder. Wat dat betreft deden de winkels in woninginrichtingsartikelen in het tweede kwartaal met -2,4 procent minder slecht. In juni was de omzet van de detailhandel 1,0 procent hoger dan in dezelfde maand vorig jaar. De winkelprijzen waren 1,1 procent lager dan in juni 2004, terwijl het omzetvolume 2,1 procent groter was. Vooral in de bovenkledingwinkels, textielsupermarkten en bouwmarkten nam de omzet in juni relatief sterk toe. De winkels in woninginrichtingsartikelen hadden echter in juni met -2,3 procent weinig reden tot vreugde.

(CBS/Vloerenplein, 12-08-2005)

Moeizaam 2e kwartaal wonenbranche

Het 2e kwartaal van 2005 gaat volgens de Centrale Branchevereniging Wonen (CBW) de boeken in als ‘moeizaam’. Het totale cijfer komt uit op -6,1 procent, zo blijkt uit de CBW-omzetenquête. Opvallend is dat de segmenten die het eerste kwartaal nog redelijk deden, een klap in het tweede kwartaal te verwerken kregen. Woningtextielzaken plusten na een slecht eerste kwartaal in het tweede kwartaal met 0,6 procent. De meubelspeciaalzaken bereikten in het tweede kwartaal volgens de CBW een historisch dieptepunt: -13,5 procent. Gemengde zaken en de slaapspeciaalzaken scoorden -8,7 procent en -7,6 procent. Met het plusje van de woningtextielzaken komt de groep woninginrichters in totaliteit uit op -9,8 procent. De kurk- en parketspeciaalzaken lukten het om voor het derde kwartaal op rij een daling te weren en kwamen uit op 0,0 procent. De keukenspeciaalzaken hebben het tweede kwartaal als beste afgesloten met +3,6 procent. Uit de cijfers van de CBW blijkt verder dat in het tweede kwartaal vooral de Randstad het moeilijk heeft gehad. De omzet in regio West (exclusief de drie grote steden) bleef -7,8 procent achter, terwijl de drie grote steden op maar liefst -13,6 procent uitkwamen. Bedrijven die op een boulevard gevestigd zijn, deden het met -11,1 procent beduidend minder goed gedaan dan de collega’s die niet op een boulevard gevestigd zijn (-2,8 procent). Iets meer dan de helft van de kurk- en parketspeciaalzaken en de woningtextielzaken heeft het afgelopen kwartaal positief afgesloten, terwijl dit bij de overige deelbranches slechts een derde of zelfs een kwart van de ondernemingen gelukt is. Kurk- en parketspeciaalzaken zijn voor het derde kwartaal relatief positief gestemd. Begrijpelijk, want zij hebben hun omzet dan ook drie kwartalen niet zien dalen. (CBW/Vloerenplein, 10-08-2005)

Nieuwe norm geluidoverdracht

NEN (het Nederlands Normalisatie-instituut) heeft deze zomer een norm gepubliceerd waarmee de geluidoverdracht door vloerbedekkingen kan worden gemeten. In deze zogeheten NEN-EN-ISO 140-11 betreft het de geluidisolatie bij lichtgewicht vloeren. Vloerbedekkingen konden al met deel 8 uit deze serie worden gemeten. Deel 8 test echter op een zware vloer en dat geeft andere resultaten dan een lichte vloer. De geluidreductie van vloerbedekkingen is op lichte (houten) vloeren vaak anders dan op zware betonvloeren. Dat geldt voor alle soorten vloerbedekking, zoals tapijt, zeil, plavuizen, kurk of parket. Met deze laboratoriumtest kan dit nu veel preciezer worden voorspeld meent NEN. Net als in deel 8 wordt in deel 11 met de hamermethode getest. Maar er zijn door NEN enkele testen toegevoegd: de aangepaste hamermethode en een zacht zwaar gewicht. Deze simuleren volgens het normalisatie instituut het lopen zonder schoenen en springende kinderen. Voorlopig zijn deze methoden alleen ter informatie opgenomen. De publicatie NEN-EN-ISO 140-11 "Akoestiek - Het meten van geluidisolatie in gebouwen en van bouwelementen - Deel 11: Laboratoriummetingen van de reductie van geluidoverdracht door vloerbedekkingen op lichtgewicht referentievloeren" is volgens NEN vooral van belang voor akoestische laboratoria. Voor fabrikanten van vloerbedekking raadt het NEN aan hun vloeren ook met deze norm te meten, omdat de resultaten gunstig kunnen zijn. Bovendien zijn de resultaten in heel Europa te gebruiken. Meer informatie is te vinden op de NEN-website: www.nen.nl

(NEN/Vloerenplein, 08-08-2005)

Faus en Pergo botsen weer

De Spaanse laminaatvloerenmaker Faus en zijn Zweedse concullega Pergo zijn elkaar weer in de haren gevlogen. Ditmaal is het Faus die de confrontatie heeft opgezocht. Faus beschuldigt Pergo ervan inbreuk te hebben gedaan op ‘United States Patent Nos. 6.401.415 en 6.688.061’ en daagt Pergo voor het U.S. District Court for the Northern District of Georgia. De octrooien hebben betrekking op de technieken van ‘Embossed-In-Register’ en ‘JointGuard’. Faus kreeg deze octrooien begin dit jaar in licentie van Berry Floor. Opvallend is dat Faus meteen met deze juridische actie reageert nadat Pergo onlangs bekendmaakte twee nieuwe producten te lanceren exclusief voor de gespecialiseerde detailhandel: de collectie ‘Pergo Vintage Home Traditional Strip’ en de collectie ‘Pergo Accolade Tiles’. Precies een jaar geleden was het Pergo die Faus voor de Amerikaanse rechter daagde. Pergo beschuldigde toen Industrias Auxiliares Faus S.L. en diens Amerikaanse zusteronderneming Faus er toen van het schenden van Pergo’s copyright, het misbruiken van diens handelsgeheim, contractbreuk, oneerlijke en bedrieglijke handelsmethodes en oneerlijke competitie. Pergo hield Faus Group en Faus S.L. onder andere concreet verantwoordelijk voor het misbruiken van Pergo-designs en het niet nakomen van contractuele verplichtingen zoals die zijn vastgelegd in hun leveranciersovereenkomst. (Vloerenplein/Floor Focus), 05-08-2005)

Kwartaalcijfers Armstrong

Hoofdkantoor Armstrong

De netto omzet van Armstrong over het tweede kwartaal bedraagt 919 miljoen dollar, +1,7 procent in vergelijking met dezelfde periode in 2004 (903,5 miljoen). De omzetstijging wordt iets afgezwakt indien men de effecten van de wisselkoersen in de cijfers meeneemt. De omzet vertoont dan een bescheiden groei van 0,1 procent. Armstrongs elastische vloerbedekking doet het met een omzet van 317,6 miljoen dollar in het tweede kwartaal iets minder dan in de vergelijkbare periode vorig jaar (321,9 miljoen dollar). Armstrong wijt de terugval aan een afname in de verkopen in Amerika. Niet alleen vinyl maar ook de verkoop van laminaat liet het daar afweten. Houten vloerbedekking kende daarentegen een stijging van 0,2 procent en kwam uit op een omzettotaal van 214,6 miljoen dollar. De netto omzet van textiele vloerbedekking en sportvloeren bedroeg 68,8 miljoen dollar, tegenover 65,1 miljoen dollar in dezelfde periode vorig jaar. Deze toename wordt echter vooral veroorzaakt door de effecten van de gunstige wisselkoersen. Over de eerste zes maanden van dit jaar bedraagt de totale netto omzet van Armstrong circa 1760 miljoen dollar, een toename van 0,6 procent in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar.

(Vloerenplein/Armstrong, 03-08-2005)

NBW beraadt zich op toekomst

Dit jaar is het 10 jaar geleden dat de Nederlandse Beroepsvereniging Woningstoffeerders (NBW) werd opgericht. De NBW stelde zich tot doel meer aandacht te besteden aan een kwalitatief juiste ambachtelijke verwerking van woningtextiel. Na een aanvankelijk zeer bloeiende periode waarin ook enkele tientallen woningstoffeerders een officiële erkenning kregen, kwam een lange periode van weinig activiteiten. Een en ander betekent dat de problemen waarmee de woninginrichtingsbranche op het gebied van stoffering mee te maken heeft nog niet zijn opgelost. De vakbekwaamheid van de woningstoffeerder is en blijft van groot belang en daarom wil de NBW opgaan in de Stichting Vakmanschap Woninginrichting. “Met als voorbeeld de Stichting Imago Tapijt campagne, die direct heeft bijgedragen aan een verbeterde positie van tapijt, is ook een dergelijke branchebrede aanpak gewenst voor het vak woningstofferen, wat qua inhoud aanzienlijk is veranderd, bijvoorbeeld door de groei in verwerking van houten vloeren,” aldus de NBW in een persbericht. In de Stichting Vakmanschap Woninginrichting moeten alle geledingen vertegenwoordigd zijn die op enigerlei wijze betrokken zijn bij woningstoffering. De Stichting dient er voor te zorgen dat actief wordt gewerkt aan “een uitdaging die van groot belang is voor de totale branche”. In een open discussie met alle partijen die direct of indirect met woningstoffering te maken hebben dient te worden vastgesteld of er een draagvlak voor een dergelijke opzet is, inhoudelijk, organisatorisch en financieel. Doel van de stichting: zorgdragen voor promotie van het vak woningstofferen, zorgdragen voor instrumenten om de vakbekwaamheid van de woningstoffeerder te vergroten, bijdragen aan voldoende instroming van jonge woningstoffeerders en ondersteuning van opleidingen voor woningstoffeerders. De stichting zou de steun moeten hebben van: organisaties die direct of indirect belang hebben bij woningstoffering (Modint, VNTF, CBW, VTGN, Woonwerk, Inkoopcombinaties e.a.), toeleveranciers voor de woning- en projectinrichting en opleidingen. De NBW zal ook ditmaal tijdens Inter Decor het Nederlands Kampioenschap Woningstofferen ondersteunen, maar met de nadrukkelijke oproep aan iedereen binnen de branche die mee wil praten over het vakmanschap zich aan te melden voor een gemeenschappelijke discussie over de toekomst van het vak woningstoffering en daarmee uiteindelijk ook over de toekomst van de NBW. (NBW/Vloerenplein, 01-08-2005)

Chinese laminaatmakers getackeld

Chinese fabrikanten van laminaatvloeren hebben onlangs een oproep ontvangen van hun beroepsvereniging ‘China Timber Distribution Association’ om met een passend antwoord te komen op een rechtszaak rond intellectueel eigendom, die momenteel in de Verenigde Staten op gang wordt getrokken. De krant China Daily laat woordvoerder Yang van de beroepsvereniging zeggen dat alle betrokken bedrijven zich dienen te verenigen om de zaak alsnog tot een goed einde te kunnen brengen. De woordvoerder veronderstelt namelijk dat sommige exporteurs niet in staat zullen zijn om een bijdrage te leveren aan de kosten van de rechtsgang (naar schatting tussen 2 en 3 miljoen Amerikaanse dollars), zich gewonnen moeten geven en uiteindelijk zich zullen terugtrekken van de Amerikaanse markt. De beroepsvereniging laat overigens al doorschemeren dat de inmiddels geraadpleegde advocaten weinig fiducie hebben in een voor de Chinezen gunstige uitspraak. De zaak is eerder deze maand aangespannen door Unilin (Quick-Step) en een drietal Amerikaanse fabrikanten bij de United States International Trade Commission (ITC). De klagers verzoeken om een onderzoek naar een aantal Chinese vloerproducten, zich daarbij beroepend op artikel 337 van de Amerikaanse tarievenwet, dat over unfaire handelspraktijken gaat. Ze beweren dat de Chinese aanbieders hun octrooien op klikverbindingen hebben geschonden.

Volgens een eerder deze maand uitgegeven persbericht van Unilin is de aanklacht gericht tegen in totaal 30 ondernemingen die zich bezighouden met het verkopen, verspreiden, importeren of vervaardigen van vloeren van laminaat of hout die vermeend inbreuk maken op bestaande octrooien. “Als het verzoek wordt toegekend zal dat een forse klap betekenen voor een aantal bedrijven, want de Verenigde Staten zijn de grootste exportmarkt voor Chinese laminaatvloeren,” aldus een bezorgde woordvoerder Yang, die daar aan toevoegt dat klaarblijkelijk het belang van intellectueel eigendom nog niet bij alle Chinese ondernemers volledig is doorgedrongen. Overigens lopen Chinese vloerenexporteurs sinds deze maand ook in Canada, hun in omvang tweede exportmarkt, op tegen anti-dumping maatregelen, waarbij een strafheffing van 0 tot 17 procent op de invoerprijs wordt toegepast. De consequenties van het schenden van artikel 337 zijn evenwel ernstiger dan die van strafheffingen: in het eerste geval zouden de Chinese producten van de Amerikaanse markt verbannen worden. In ieder geval verwachten waarnemers dat ze een stuk duurder worden, gezien de hoge juridische kosten die gepaard gaan met patentzaken.

(Vloerenplein/China Daily/Unilin, 29-07-2005)

Interface: meer omzet en orders

Interface te Scherpenzeel (foto: Interface)Interface Inc. heeft in het voorbije tweede kwartaal 246,5 miljoen dollar omzet gemaakt, dat is 14 procent meer dan de 216,2 miljoen van vorig jaar. Het bedrijfsresultaat dikte, vergeleken met dezelfde periode in 2004, met bijna 34 procent aan tot 21,2 miljoen. Het segment modulair tapijt (onder meer Heuga) was goed voor bijna 164 miljoen dollar omzet, een forse toename van bijna 20 procent ten opzichte van afgelopen jaar. Topman Daniel T. Hendrix voegt daar aan toe dat ook de Europese markt voor modulair tapijt een groei met dubbele cijfers liet zien, zowel wat omzet als bedrijfsresultaat betreft. Het netto verlies in het tweede kwartaal steeg evenwel van 159.000 naar 7,4 miljoen dollar, met name vanwege fiscale heffingen op uit het buitenland teruggehaalde inkomsten en het stopzetten van bepaalde activiteiten. De orderpositie van Interface verbeterde dan weer met 17 procent in het tweede kwartaal. Hendrix schrijft dat toe aan een aanhoudend herstel in de zakelijke kantorenmarkt en aan succes in de retailmarkt. De omzet en de orders voor Bentley Prince Street kamerbreed tapijt stegen met respectievelijk 0,7 en 9 procent. Interface staat na de eerste helft van het jaar nu op ruim 481 miljoen dollar omzet, zo’n 13 procent hoger dan in 2004.

(Vloerenplein/Interface Inc., 29-07-2005)

Guidro breidt assortiment uit

Groothandel Guidro laat weten vanaf Interdecor te starten met de distributie van het parket, laminaat en vinyl van Tarkett in Nederland. Het Tarkett-assortiment zal uitgebreid worden gepresenteerd op haar stand op deze vakbeurs, komende september in de Jaarbeurs. Daarnaast is Guidro per 1 juli jl. als exclusief distributeur voor Nederland begonnen met de verdeling van Domo Tapijttegels voor de consumentenmarkt. Tevens is de Eindhovense groothandel voor de woning- en projectinrichting per heden distributeur geworden van het pakket Forbo-accessoires. Op Interdecor worden tenslotte de vernieuwde collectie gordijnroeden en ook het Cedeko-programma gepresenteerd.

(Vloerenplein, 26-07-2005)

Pergo groeit in Noord-Amerika

Pergo’s CEO Tony Sturrus

Pergo heeft het eerste halfjaar afgesloten met een beperkte groei van de netto omzet van 1417 naar 1430 miljoen Zweedse kronen (SEK). Dat betekent een toename van 4 procent, indien de valuta-effecten niet worden meegewogen. In Noord-Amerika wist Pergo in dollars 7 procent meer te verkopen, in Europa daalde de omzet met 1 procent. Wat de Europese markt betreft zijn de Zweden content met de omzetten van hun premium producten. De prestaties van het nieuwe middenprijs-segment vielen naar eigen zeggen echter tegen. De operationele winst van het concern bedroeg 20 miljoen SEK (2004: 222 miljoen verlies, met name vanwege reorganisatiekosten van 250 miljoen). De winst na belastingen kwam over de eerste twee kwartalen uit op 15 miljoen SEK (2004: 223 miljoen verlies). Pergo kondigt tevens een nieuw actieplan aan dat de winstgevendheid van de zaken in Europa moet verbeteren. De onderneming denkt vanaf komend jaar zo’n 100 miljoen SEK te kunnen terugverdienen door onder meer te besparen op overhead, door de productiviteit te verbeteren en door wereldwijd synergie te zoeken op het vlak van inkoop, informatietechnologie, productontwikkeling en ontwerp. De nieuwe CEO Tony Sturrus voorziet dat de resultaten van Pergo in toenemende mate baat zullen hebben bij het actieplan in Europa, in combinatie met een sterkere focus op wereldwijde synergieën en groei in Noord-Amerika.

(Vloerenplein/Pergo, 22-07-2005)

Mohawk houdt groeitempo hoog

Het Amerikaanse Mohawk heeft in het tweede kwartaal een netto omzet geboekt van 1,62 miljard dollar, 9 procent meer dan de 1,49 miljard van vorig jaar. De omzet van de divisie Dal-Tile (keramische tegels) is zelfs met 16 procent toegenomen in deze periode. De netto winst van de totaalaanbieder dikte met 8 procent aan. Topman Jeffrey S. Lorberbaum verwacht in het vierde kwartaal van dit jaar de onlangs aangekondigde overname van Unilin (Quick-Step) rond te maken. Hij zegt in de Verenigde Staten en Europa bezig te zijn om toestemming te verkrijgen voor de combinatie. Lorberbaum noemt de aankoop van Unilin, na het verwerven van Dal-Tile in 2002, de tweede belangrijke stap in de verbreding van het aanbod van zijn bedrijf in het ‘harde’ vloerensegment. Mohawk verwacht dat de aankoop in 2006 in lichte mate aan de groei zal bijdragen.

(Vloerenplein/Mohawk, 22-07-2005)

Pullman fijnstofzuiger bij Renotec

Pullman PVL 1300 H

Renotec Duo uit Bergen op Zoom heeft de nieuwe Pullman PVL 1300 H aan zijn assortiment toegevoegd. De aanbieder is van mening, dat met deze aantrekkelijk geprijsde stofzuiger voor het zuigen van quartzstof en asbest en dus ook voor onder andere egaline en anhydriet, een leegte in de markt wordt opgevuld. De PVL 1300 H bereikt met zijn dubbele filter een filtergraad tot 0.3 micron (H-norm). Door een membraanventiel wordt het filter met één luchtstoot van binnenuit gereinigd. Daarnaast brengt Renotec Duo een nieuwe vloerschraper voor het verwijderen van vervuiling op moeilijk bereikbare plaatsen op de markt. Het hardstalen mes met een werkbreedte van 15 centimeter is zodanig in de vloerschraper bevestigd dat het bij een recht duwende beweging, de vervuiling onder een schuine hoek insnijdt en resten stucwerk, lijm, foam, enzovoorts, moeiteloos verwijdert. De vloerschraper is speciaal bestemd voor het verwijderen van smet op anhydriet en cement dekvloeren.

(Vloerenplein, 20-07-2005)

CELQ lanceert www.celq.net

Het nieuwe kwaliteitslabel voor laminaatvloeren CELQ, dat staat voor Certified European Laminate Quality, is vanaf 1 juli jl. aanwezig op het internet met een eigen website. De site www.celq.net geeft onder meer uitleg over kenmerken en doelstellingen van het naar eigen zeggen pan-Europese CELQ-kwaliteitslabel, met daarbij een lijst met de leden en hun testinstituten. Daarnaast wordt informatie geboden over het product laminaatvloer. De vereniging meldt verder dat de eerste CELQ-labels binnenkort zullen worden uitgereikt. Op de ledenlijst staan momenteel de namen van de aanbieders Akzenta, Alloc, Egger, Hamberger, Kaindl, Krono Gruppe, Meister-Leisten, Parador, Pergo, Roysol, Skema en Witex.

(Vloerenplein/CELQ, 18-07-2005)

CBS-cijfers mei opnieuw negatief

De detailhandel in meubels, woningtextiel, verlichtingsartikelen en vloerbedekking heeft afgelopen mei 2,4 procent minder omzet geboekt dan in dezelfde maand vorig jaar, aldus vandaag gepubliceerde gegevens van het CBS. Een klein lichtpuntje is dat het omzetcijfer van de woninginrichters voor de maand april is bijgesteld van -3,6 naar -2,6 procent. Over de periode januari tot en met mei staat de woninginrichting nu op -3,7 procent. De non-foodsector als geheel behaalde in mei van dit jaar 5,8 procent minder omzet dan een jaar eerder. De prijsdaling in de non-food in deze periode was 0,9 procent. Het omzetvolume kromp met 4,9 procent. Over de eerste vijf maanden van dit jaar staat de non-food op -4,4 procent, de detailhandel als totaal op -3,5 procent.

(CBS/Vloerenplein, 15-07-2005)

DOMOTEX asia blijft expanderen

Vloerenvakbeurs DOMOTEX asia CHINAFLOOR (DACF) meldt dat de voorbereidingen voor de editie 2006 voorspoedig verlopen. Zo zal het evenement met minimaal één hal groeien tot vijf totaal (57,500 m2). Ter vergelijking: in 2004 vond de beurs plaats in drie hallen (34,500 m2) en dit jaar in vier hallen (46,000 m2). Komend jaar zal onder meer Tarkett voor de eerste maal acte de présence geven op DACF. Daarnaast wordt alvast een uitgebreide presentatie van de Krono-groep aangekondigd. Kronotex keert na drie jaar afwezigheid terug als exposant, Kronoswiss en Kronosenhua breiden met zo’n 30 procent uit in vergelijking met hun deelname dit jaar. Ook Quick-Step zal in 2006 aanwezig zijn. In het segment textiele vloerbedekking hebben onder andere bekende partijen als Balta en Al-Sorayai al standruimte gereserveerd. Bij de elastische vloeren zal naast Tarkett ook onder meer IVC exposeren. Wilbert Heijmans, Senior Project Manager VNU Exhibitions Asia, verwacht dat deze sector aanzienlijk aan belang zal winnen binnen de beurs, gezien de toenemende behoefte aan speciale vloeren voor ziekenhuizen en het onderwijs. In 2006 zullen Nederland, België, Duitsland en de USA ook weer een nationaal paviljoen afvaardigen. Meer nieuws is dat een nieuwe show binnen het geheel wordt geïntroduceerd: FLOORTECH asia. Dat is een platform dat aanbieders van vloerentechnologie en vloerenfabrikanten moet samenbrengen. FLOORTECH asia begint een dag vóór het hoofdevenement. De achtste editie van DACF loopt van 28 maart tot aan 30 maart 2006 in het Shanghai New International Expo Centre (foto). Men verwacht volgend jaar zo’n 700 exposanten (2005: 588) en ruim 30.000 vakbezoekers (2005: 25,300).

(VNU Exhibitions Asia/Vloerenplein, 13-07-2005)

Kans doorstart Nettex onderzocht

De Rechtbank te Zwolle heeft vorige week woensdag het faillissement uitgesproken over tapijtfabrikant Nettex BV en het aan haar gelieerde European Tufters BV, beide uit Genemuiden. Nettex Tapijt is volgens eigen opgave een tapijtfabriek die gespecialiseerd is in de fabricage en afwerking van tuft- en printlopers en candy stripes tapijt. In de fabriek te Genemuiden worden deze ontwikkeld en geproduceerd. Plaatsvervangend curator Van Hee voegt aan deze informatie toe dat een aantal personeelsleden inmiddels ontslag is aangezegd. Daarnaast is men druk aan de slag met een overnamekandidaat voor een mogelijke doorstart, in afgeslankte vorm. Concrete mededelingen over de oorzaken van het faillissement of over de kansen op een succesvolle doorstart, konden per vandaag nog niet gedaan worden.

(Vloerenplein, 13-07-2005)



UNESCO kiest ‘fijnste’ tapijt

De UNESCO heeft ‘Me-raaj’, een uiterst delicaat Perzisch tapijt dat momenteel bewaard wordt in het Astan Qods Razavi museum, uitgeroepen tot het ‘fijnste’ tapijt ter wereld. Me-raaj (of ‘hemelvaart’) telt op elke 7 centimeter 920 knopen. “Het 42,5-gram zijden tapijt, dat 720 verschillende kleuren en tinten herbergt op een oppervlak van 18 bij 24 centimeter, is slechts 1,5 millimeter dik,” aldus directeur Yusefi van de tapijtafdeling in het museumcomplex. Me-raaj is een 920-raj tapijt, waarbij raj staat voor de knoopdichtheid per 7 centimeter. Het voorwerp is ontworpen door Meester Moti-ee en gemaakt door Meester Hasan Nezami-Doust in een periode van vier jaar, zo weet Yusefi nog te vertellen. Eerder gold een 450-raj uit China als het ‘fijnste’ tapijt ter wereld. Het tapijtmuseum van Astan Qods bezit een groot aantal gerenommeerde handgemaakte tapijten, waarvan sommige dateren uit de Safavid-periode van de 16e eeuw.

(Vloerenplein/Persian Journal, 11-07-2005)

Congres Groei mee met China

Congrescentrum Kumpulan

Het Nederlands Textielinstituut en LIFT-group organiseren in samenwerking met Modint op 13 oktober 2005 een congres dat geheel gewijd zal zijn aan de “onstuimige opmars” van China op de wereldtextielmarkt. Sprekers zullen hun visie geven op de mogelijkheden en ambities van China als productieland, afzetmarkt en als concurrent. Hierbij komen onder andere aan bod: politieke en economische aspecten bij het samenwerken met China, praktijkervaringen met het opzetten van een productie- en distributiebedrijf in China, juridische knelpunten bij het produceren van textiel en confectie in China, bedreigingen en kansen voor de Europese textiel- en kledingindustrie, ‘to do’s’ en ‘not to do’s’ in samenwerking met Chinese partners en tenslotte het positioneren van een merk in de markt. De doelgroep van de bijeenkomst wordt gevormd door alle mode- of textielprofessionals die beroepsmatig met de opmars van China worden geconfronteerd. Locatie is het Congrescentrum Kumpulan Bronbeek te Arnhem.

(Vloerenplein, 08-07-2005)

Topmannen over overname Unilin

Frans De Cock, gedelegeerd bestuurder van Unilin, en Jeffrey S. Lorberbaum, Chairman en CEO van Mohawk, hebben in een door eerstgenoemde partij uitgegeven persbericht hun licht laten schijnen over de in het vierde kwartaal te effectueren overname van het West-Vlaamse bedrijf door de Amerikaanse groep. Een selectie van uitspraken.

Jeffrey S. Lorberbaum: “Mohawk wil met de overname van Unilin een belangrijke stap zetten in de verdere diversifiëring in de wereld van de vloerbedekking. (...) Unilin is de marktleider in het high-end segment van laminaatvloeren met een sterke positie in Europa en de US. (...) Unilin brengt een belangrijke know-how binnen van de Europese laminaatmarkt en unieke distributiemogelijkheden via high-end en specialty retailers. Daarenboven kent Unilin momenteel een sterke groei in de Verenigde Staten en is er momenteel zijn groei aan het bestendigen met de uitbouw van een nieuwe state-of-the-art productiefabriek. Unilin is de enige vertikaal geïntegreerde laminaatvloerproducent in de U.S. In North Carolina heeft Unilin een ultra-moderne HDF plant. Het ligt in onze bedoeling om het bestaande merk Quick-Step verder te ondersteunen via de bestaande distributiestructuur uitgebouwd door Quick-Step en uiteraard bij de huidige klanten. Daarenboven zullen afhankelijk van de marktbehoefte ook nieuwe producten en merken worden uitgebouwd.”

Frans De Cock: “Wij zijn vooral onder de indruk van het operationeel en financieel succes van Mohawk. We zijn ervan overtuigd dat Mohawk de juiste partner is voor ons bedrijf. We geloven dat we door de samenwerking met Mohawk onze marktpositie in de toekomst verder kunnen verstevigen. We zijn ervan overtuigd dat het samengaan met deze industriële partner onze 2400 medewerkers ten goede zal komen. Hoewel er het eerste jaar geen opzienbare synergie wordt verwacht, zijn we ervan overtuigd dat er vanaf de eerste dag veel opportuniteiten bestaan in deze gecombineerde business zoals: verhoging van de marktpenetratie van de Unilin producten in de USA, de hefboomwerking van de huidige distributiemogelijkheden van Mohawk, de optimalisatie van de capaciteitsbezetting en het vrijmaken van de weg voor de groei van Mohawk in Europa.”

(Vloerenplein/Unilin, 06-07-2005)

VNTF: lichte volumegroei in 2004

Ondanks het moeizame economische klimaat en de lagere bestedingen in de sector woninginrichting, kende de Nederlandse tapijtindustrie als geheel toch een lichte groei in volume in 2004. De afzet van tapijt groeide vorig jaar met bijna 2 procent tot circa 170 miljoen vierkante meter, de omzet daalde evenwel met circa 1 procent tot 825 miljoen euro. In het midden en hogere marktsegment was er over het algemeen sprake van dalende productievolumes. Aldus blijkt uit het zojuist verschenen Jaarverslag van de VNTF over 2004. Van de totale tapijtproductie wordt circa 85 procent geëxporteerd. Nederland is nog steeds mondiaal de derde tapijtproducent en tweede exporteur van tapijt. De groei in 2004 komt geheel voor rekening van de nog steeds stijgende (netto) export. Net als in 2003 was het Verenigd Koninkrijk de belangrijkste exportmarkt voor de Nederlandse tapijtindustrie. Dit land heeft deze positie overgenomen van Duitsland, tot voor kort traditioneel de belangrijkste exportmarkt. Uit de CBS-statistieken blijkt volgens de VNTF ook een sterke stijging van de uitvoer naar Polen, hoewel die relatief nog bescheiden van omvang is.

De Nederlandse consumentenmarkt voor vloerbedekking nam vorig jaar in zijn geheel af in volume met circa 5 procent. Tapijt liet een daling zien van 9 procent in volume en 8 procent in waarde, maar is nog steeds de grootste vloerbedekker met een marktaandeel van bijna 40 procent. Ook de projectenmarkt stond in 2004 sterk onder druk, aldus de vereniging. Over het aanboren van nieuwe markten merkt de VNTF op: “Door voortdurende vernieuwing van het aanbod en verdere ontwikkeling van nieuwe markten zoals Oost Europa en China, slaagt de sector erin om haar positie onder moeilijke marktomstandigheden en sterke internationale concurrentie te behouden en waar mogelijk te verbeteren. De sector blijft gericht op innovatieve kansen, op nieuwe markten en toepassingsmogelijkheden.” Daarnaast stond ook 2004 in het teken van milieuzaken (beduidend minder energieverbruik, meer productieafval als secundaire brandstof, drastische reductie van emissies, etc.) en het branchespecifieke scholingsproject.

(VNTF/Vloerenplein, 06-07-2005)

Unilin (2,2 miljard) naar Mohawk

De aandeelhouders en het management van de Vlaamse houtgroep Unilin hebben de Amerikaanse vloerbedekkingsgigant Mohawk Industries gekozen als nieuwe eigenaar. De deal kwam afgelopen zaterdagnacht tot stand. De overnameprijs bedraagt 2,2 miljard euro. Dagblad De Standaard weet te melden dat Mohawk de drie resterende financiële partijen - Carlyle, BC Partners en Allianz Capital - op het allerlaatst wist af te troeven met een betere prijs en vanwege het ‘industrieel’ karakter van zijn bod. Voor de expansieve totaalaanbieder Mohawk (tapijt, karpetten, laminaat, houten vloeren, keramische tegels) is Unilin de eerste overname op het Europese continent. Voor Unilin is van wezenlijk belang dat zij via het distributieapparaat van Mohawk bredere toegang krijgt tot de groeiende Amerikaanse laminaatmarkt. Frans De Cock, die nu samen met Bernard Thiers de divisie Unilin Flooring (Quick Step) leidt, wordt CEO van Unilin. Unilin werd in 1960 opgericht door 22 vlasboeren die noodgedwongen hun toevlucht zochten in de productie van spaanplaat. Momenteel bedraagt het aantal aandeelhouders meer dan 200, vaak nakomelingen van de oprichters.

(Vloerenplein/De Standaard, 04-07-2005)

Clicky

Publish the Menu module to "offcanvas" position. Here you can publish other modules as well.
Learn More.