LVT-omzet met een derde gestegen in VS
Elastische vloeren nemen een steeds groter deel van de Amerikaanse vloerbedekkingmarkt voor hun rekening. In geld gemeten ligt hun aandeel in 2016 al op 15 procent, tegenover 13,3 procent in 2015. De groeiende acceptatie van het LVT van de nieuwe generatie voor zowel thuisgebruik als in projecten is daarvoor verantwoordelijk, zo bericht het vakblad Floor Covering Weekly op basis van statistische gegevens van onderzoeksbureau Catalina. Binnen de categorie LVT boeken de nieuwe waterdichte WPC-producten (‘wood plastic composite’) de meeste vooruitgang, evenals de ‘rigid core’-producten en de overige hybride producten met vinyl als hoofdbestanddeel.
De fabrikantenomzet van LVT is vorig jaar in de VS naar schatting met 33 procent toegenomen, in dollars gerekend. Dankzij deze vooruitgang heeft LVT in 2016 al ruim de helft (50,8 procent) van de totale omzet in elastische vloeren in handen. In 2014 bedroeg dit aandeel nog maar 38,8 procent. In deze korte periode heeft LVT aandeel afgesnoept van vinyl op rol, vinyl-compositie-tegels (VCT) en overige elastische vloerensoorten, zoals kurk, rubber en linoleum. In geld gemeten pakt LVT eveneens een groter deel van de taart vanwege zijn oplopende gemiddelde verkoopprijzen, door telkens introducties van meer geavanceerde, innovatieve producten. Uit onderzoek blijkt voorts dat LVT marktaandeel weghaalt bij alle harde vloerensoorten, waaronder vinyl, keramische tegels en parket.
Binnenlandse fabrikanten hebben vorig jaar evenwel aandeel prijs moeten geven aan Aziatische fabrikanten. Leveringen van LVT vanuit Chinese fabrieken is toegenomen, aangezien de Amerikaanse producenten het afgelopen jaar niet aan de binnenlandse vraag konden voldoen, ondanks forse investeringen in extra productiecapaciteit in eigen land de afgelopen twee jaar. Het operationeel maken van de nieuwe productiecapaciteit is traag verlopen, zo rapporteert het vakblad, doordat de fabrikanten meer tijd dan voorzien nodig hebben gehad om ervaring op te doen met de nieuwe technologieën en productieprocessen.
De Amerikaanse vloerenmarkt als geheel is vorig jaar goed geweest voor circa 24,5 miljard dollar aan fabrikantenomzet, een plus van 4,4 procent vergeleken met een jaar eerder. Tapijt en karpetten zijn goed voor naar schatting 47,1 procent van de markt, ofwel 11,53 miljard dollar (-0,2 procent minder dan in 2015). Parketvloeren zijn goed voor 14,9 procent van het totaal, ofwel 3,64 miljard dollar (+5,9 procent), laminaat voor 3,9 procent van het totaal, ofwel 956 miljoen dollar (+0,6 procent) en LVT voor 7,6 procent van het totaal, ofwel 1,87 miljard dollar (+33 procent). Keramische tegels en steen zijn afgelopen jaar samen goed voor 19 procent van de totale vloerenmarkt van de VS.
(Vloerenplein, 07-08-2017)







De Federation of Master Builders (FMB), de grootste Britse brancheorganisatie voor bouwbedrijven in het MKB, luidt de noodklok over de uit de pan rijzende kosten voor grondstoffen, volgend op het Brexit-referendum van juni vorig jaar. Eerst en vooral timmerhout is fors in prijs gestegen.



Op 











De Amerikaanse vloerengroep Beaulieu Group LLC heeft vandaag een beroep gedaan op de Chapter 11-regeling, een vrijwillige procedure binnen de Amerikaanse faillissementswetgeving die enigszins overeenkomt met onze ‘surseance van betaling’ en hoofdzakelijk gericht is op het kunnen doorvoeren van een noodzakelijk geachte reorganisatie. Beaulieu America wil naar eigen zeggen zo zijn balans op orde brengen teneinde beter gepositioneerd te zijn voor de toekomst. Met de bestaande geldschieters is overeengekomen dat die het bedrijf blijven ondersteunen met een zogeheten ‘debtor-in-possession’-financiering, die zal worden gecombineerd met de kasstroom uit operationele activiteiten om een voortzetting van de bedrijfsvoering mogelijk te maken. "Beaulieu familieleden en onze raad van managers zijn van mening dat het nastreven van een herstructurering door middel van Chapter 11 de beste route voorwaarts is op dit moment,” aldus Michael Pollard, voorzitter van Beaulieu Group LLC. ‘Beaulieu of America’ begon in 1978 in Dalton (Georgia) en groeide onder de hoede van oprichters Carl en Mieke Bouckaert (oudste dochter van Beaulieu-grondlegger Roger De Clerck) uit tot vooraanstaand tapijtproducent, apart van het Beaulieu-concern aan deze kant van de oceaan.
Het op 13 juni jl. failliet verklaarde Arte Espina liep - ondanks zijn naamsbekendheid in de branche - al zeker tien jaar niet goed en leed structureel verlies. Zo heeft curator Bob van Brink als verklaring te horen gekregen van de directie van het bedrijf en vervolgens opgetekend in zijn openbaar faillissementsverslag van 5 juli.


De Britse tapijtmaker Brintons is van eigenaar veranderd. De Amerikaanse Carlyle Group verkoopt de in 1783 begonnen fabrikant aan landgenoot Argand Partners, een private-equitybedrijf. De waarde van de transactie, waarbij ook het senior management van Brintons is betrokken, is niet bekendgemaakt. De nieuwe eigenaar voelt zich naar eigen zeggen aangetrokken door de leidende marktpositie van Brintons op de wereldwijde markt voor luxe tapijt. De Carlyle Group kocht het bedrijf zes jaar geleden en zette zijn aanwinst - stevig reorganiserend - weer op de rails.



Estillon laat weten diverse ondervloeren te kunnen leveren die zijn voorzien van het Quietroom-label voor hotels. Dit betreft een initiatief van het Kenniscentrum Geluidsisolatie (KGI) en mag volgens de ondervloerenspecialist uit Uden gezien worden als het eerste en enige objectieve keurmerk voor hotels op het gebied van geluidsisolatie. Geluidsoverlast is wereldwijd al geruime tijd een dikwijls geuite klacht onder reizigers.

