De omzet in de woonbranche als geheel is in het derde kwartaal licht gestegen met 1,2 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. De branche staat na drie kwartalen op een kleine plus van 1,6 procent, aldus blijkt uit de jongste omzetenquête van de CBW. De deelbranches laten in het voorbije kwartaal evenwel een zeer wisselend beeld zien, met hoogte- en dieptepunten. Zo ziet het perspectief voor de kurk- en parketzaken er minder gunstig uit. Voor hen was het derde kwartaal een flop’ met 4,4 procent. Circa een vijfde van de panelleden actief in kurk en parket heeft ook geen positieve verwachtingen ten aanzien van het afsluitende kwartaal. Na drie kwartalen staan de kurk- en parketzaken nu licht negatief (-1,3 procent).
Het derde kwartaal was daarentegen top’ voor de gemengde zaken, die 10 procent meer omzet behaalden. Door deze stevige impuls stevenen de gemengde zaken na driekwart jaar (+4,9 procent) af op de beste jaarcijfers. De woningtextielzaken hebben het derde kwartaal ook niet onverdienstelijk afgerond met een plus van 6,1 procent. Tot en met september staan de woningtextielzaken nu op +3,8 procent. Voor de ondernemers gespecialiseerd in slapen bleef er in het voorbije kwartaal slechts een klein plusje (0,8 procent) aan de strijkstok hangen, terwijl de meubelzaken 2,6 procent vooruitgang boekten. Tenslotte zijn de sombere verwachtingen van de keukenspecialisten ook uitgekomen: hun omzet duikt met -7,5 procent ver onder het niveau van het derde kwartaal van vorig jaar.
De bedrijven in het westen hebben, met uitzondering van de drie grote steden, ook het derde kwartaal positief kunnen afsluiten (4,2 procent). Ondernemers gevestigd in de steden Amsterdam, Rotterdam en Den Haag hebben duidelijk niet kunnen profiteren van het gunstige regionale kopersklimaat; zij boekten opnieuw een omzetdaling van 3,6 procent. Ook in het noorden moesten veel ondernemers, na een goede start in het eerste half jaar, het derde kwartaal flink omzet inleveren (-6,6 procent). Een positief resultaat in het derde kwartaal was er voor de niet-samenwerkende MKB-er (6,1 procent) en/of ondernemer actief in het hoog/midden segment (+4,0 procent). Het grootwinkelbedrijf (GWB) kampte het derde kwartaal met een omzetdaling van -2,3 procent. Dit betekent niet dat alle grotere ondernemingen slecht gepresteerd hebben. De door de CBW gepresenteerde cijfers laten bijvoorbeeld zien dat overall de ondernemingen met een omzetgrootte van 7,5 miljoen euro of meer voor het derde achtereenvolgende kwartaal een omzetstijging boekten (2,3 procent). Hieronder vallen ook de grote regionale spelers.
(Vloerenplein/CBW, 09-11-2007)