De discussie over stelling 1: De kwaliteit van leggers en stoffeerders laat nogal eens te wensen over is afgesloten.
Hieronder staan de reacties.
- Vorige discussies -
Reacties (6)
De discussie over stelling 1: De kwaliteit van leggers en stoffeerders laat nogal eens te wensen over is afgesloten.
Hieronder staan de reacties.
- Vorige discussies -
Henry van der Maas
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
M. Bank
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Ferry van den Bosch
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Theresa
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Hans van Zuylen
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Want, helaas lopen er inderdaad mensen rond die onder alle prijzen door en ten koste van alles ongezien de omstandigheden blijven prutsen teneinde een snee brood te verdienen. Alleen dán als wij gezamenlijk de handen ineen willen slaan en een front vormen ten behoeve van de kwaliteit van ons werk en het product waarmee wij werken ben ik ervan overtuigd dat de gemotiveerde stoffeerder zal blijven bestaan. Een erkenning als zijnde bv. Lid van erkende vloerenbedrijven en free-lance stoffeerders zou een goede start zijn. Het maken van onderlinge prijsafspraken voor de erkende leden. In het leven roepen van een eigen vakvereniging. Coöperatieve prijsafspraken maken voor de leden van de vereniging naar leveranciers toe. Coöperatieve verzekeringen, want hoeveel free-lancers lopen er niet onverzekerd rond. Zoveel zaken die we gezamenlijk kunnen doen en waar een ieder profijt van zou kunnen hebben als we elkaar maar wat gunnen. Het personeelsbestand dunt alleen maar uit, ons vak lijkt niet interessant voor de buitenwereld terwijl ons werk altijd zichtwerk is en wij de afsluiting behoren te zijn van ieder project, zowel particulier als projectmatig. Ik hoor de meeste stoffeerders nog steeds zeggen: ‘ik wil goed en mooi werk afleveren, alleen de omstandigheden laten daarin nog wel eens te wensen over’. Wellicht dat het onderstaande collega’s tot nadenken kan aanzetten: De koek is zo groot, het aantal vakbroeders wordt steeds kleiner, alleen krijgen we hem niet op. Ik stel voor eens om de tafel te gaan en te kijken of wij net als in bijna alle andere branches onszelf een predikaat kunnen gaan geven als bv. ‘ik ben erkend lid van het gilde van erkende vloerenbedrijven’. Hiermee kunnen we ons imago verbeteren, de onderhandelingspositie met onze opdrachtgevers vergroten en uiteindelijk beter presteren. Ik ben ervan overtuigd dat we dan een natuurlijke schifting krijgen van de goedwillende stoffeerders en de in ons vak vaak genoemde knoeiers. Stofferen is namelijk een boeiend vak, echter mensen zijn vaak pas te motiveren als ze er ook iets voor terug krijgen en die taak ligt naar mijn mening bij ons, de gevestigde orde. Tot slot ben ik er ook van overtuigd dat een praktijkopleiding tot stoffeerder ook een goede weg zal zijn om gemotiveerde mensen neer te zetten, want hoe vaak zien we niet dat we mensen opleiden die na een periode van één, twee jaar zeggen ‘ik ben stoffeerder en ga free-lancen want wat mijn baas kan verdienen kan ik zelf ook verdienen’? Ik ben dan ook voorstander van een deeltijdopleiding met nadruk op en ín de praktijk, plus een dag per week theorie. En mensen in de praktijk een leermeester-erkenning geven teneinde ons vak over te dragen.
Ed Stockmann,
Richelle Project en Woningstoffering
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.